Lesgeven aan pubers: mijn grootste uitdaging

Wanneer ik lesgeef voel ik me helemaal in mijn element. Ik hoef niet teveel na te denken, voel me zelfverzekerd en het gaat voor mijn gevoel als vanzelf. Maar als er een groep is waarbij ik me echt een vis op het droge voel dan is het wel bij pubers. Vaak lig ik al dagen van tevoren te piekeren en voelt het alsof ik zelf weer 14 ben en voor de klas mijn spreekbeurt moet houden. Ineens breekt het zweet me uit, lukt het me niet meer om de orde te houden en moet ik echt keihard werken om hun aandacht te vangen. Het voelt als een wedstrijdje om de leiding tussen mij en de groep. Wat gaat hier nu verkeerd?

Een kijkje in het puberend brein

Misschien moet ik mij allereerst eens verplaatsen in het hoofd van een 14-jarige. Het is eigenlijk best een verwarrende tijd: je bent geen kind, maar ook geen volwassene. Je bent enorm aan het uitpuzzelen wie je bent en waar je staat in deze puberhiërarchie. Je hebt te maken met hormonen, verliefdheid, buitenboordbeugels, lichaamsdelen die niet tegelijk maar omstebeurt groeien, transpiratie, vet haar en acne. Je moet met je ouders op vakantie maar dat vind je superstom, want je wilt liever met je vrienden lol maken. Dus sjok je met een stralend pruimgezicht achter je ouders aan om ‘dorpjes te kijken’, omdat dat van je verwacht wordt. Als ik die kids nu zie in de klas moet ik daar ook wel een beetje om lachen. Veel gesputter, met minimale inspanning iets uitbeelden, maar het wél doen. In het boek ‘Het puberend brein’ van Eveline Crone staat een interessant stukje over de 4 stadia van het volwassen worden en hoe zij naar zichzelf en anderen kijken per leeftijd. Ik vond dit een mooi kijkje geven in het hoofd van een kind/puber en geeft mij ook handvaten bij het voorbereiden van mijn lessen aan kinderen.

Mijn eigen pubertijd & improvisatietheater

Misschien was dit voor mijzelf ook wel een van de lastigste fases uit mijn leven. In de eerste twee jaar van de middelbare school deed ik nog braaf mijn huiswerk tot ik in de derde klas terecht kwam. Er zaten veel zittenblijvers die de boel enorm aan het opstoken waren, waardoor er een onveilige sfeer in de klas hing. Er werd gepest en je wilde vooral niet het buitenbeentje worden, dus probeerde je om je te gedragen als de rest en hield je je mond. We gooiden met eten als de docent even iets ging kopiëren, besloten met de hele klas gezamenlijk te spijbelen of klommen uit het raam als mijn wiskundedocent iets stond uit te leggen op het bord. In onze ogen was dat lol trappen. Ik ervaarde het toen ook niet als een vervelende tijd, ik maakte immers de grappigste dingen mee met die klas. Al voelde het niet goed toen onze docente Frans uiteindelijk door ons overspannen raakte en de hele klas stond te juichen dat we daardoor tussenuur hadden. Mijn school besloot daarom dat – toen gesprekken niet genoeg hielpen – improvisatietheater misschien wel een mooi middel zou kunnen zijn om de veiligheid te verbeteren. De Lama’s waren toen heel populair op tv, dus veel kenden het al en dat heeft zeker geholpen. Het heeft in ieder geval bij mij wat losgemaakt, want door die workshop is mijn interesse in improvisatietheater gewekt en is het nu niet meer uit mijn leven weg te denken.

Veiligheid creëren

Onlangs waren de rollen omgedraaid en moest ik zelf een training geven aan derdeklassers op een middelbare school in Amsterdam. Ook zij wilden improvisatietheater gebruiken om de leerlingen beter te laten samenwerken, omdat er in die groepen veel werd gepest. Een supermooi initiatief, dat kan ik beamen! Maar ook een uitdaging, want deze groep had dus niet zelf voor een theaterworkshop gekozen. Gewapend met een spatscherm (want Corona) gaven we twee verschillende klassen – verdeeld over 4 trainers – een workshop theatersport. Het verschil tussen de groepen was als dag en nacht. De eerste groep was ik al na een kwartier kwijt, ze wilden niet meedoen (“duh!”) en zaten enorm mijn grenzen op te zoeken. Er waren een paar leerlingen die op het begin best enthousiast waren. Maar doordat de sfeer erg onveilig was draaiden ze ineens 180 graden en gingen ook zij tegensputteren. De tweede groep daarentegen was veel nieuwsgieriger en zij durfden er uiteindelijk echt voor te gaan. Het was nog steeds hard werken om de focus te houden, maar er hing duidelijk een andere sfeer in de klas. En dat maakt een groot verschil! Ze vonden het allemaal superspannend om iets met theater te gaan doen en dat is begrijpelijk! Op die leeftijd wil je vooral niet buiten de groep vallen, dus als de veiligheid niet goed gewaarborgd is krijg je ze al helemaal niet over de streep. Daar zal je dus in je les veel aandacht aan moeten besteden.

Koken met impro

Ik vind lesgeven altijd een beetje als koken: Je houd je aan een recept maar als je ondertussen denkt dat er nog iets nodig is kun je altijd nog extra ingrediënten toevoegen of juist weglaten. Als je het ene ingrediënt ziet kom je soms al associërend op een nieuwe. Soms doe je er iets teveel zout bij en blijkt het niet goed uit te pakken, een andere keer blijkt een snufje peper juist een succes en voeg je dit vaker toe. Je bent niet alleen aan het lesgeven, maar ook aan het acteren én regisseren. Je leidt het in goede banen en je kijkt naar wat de groep op dat moment nodig heeft. Dat kan per groep verschillen en zo ook per leeftijd. Met het lesgeven aan kinderen ben je naast trainer ook leraar: je geeft niet alleen les, er komt ook een stukje pedagogiek bij kijken. En als je daar geen ervaring of natuurlijke feeling voor hebt kan dat best een zoektocht zijn.

Mezelf uitdagen of accepteren?

Ondanks dat ik het wat lastiger vind is lesgeven aan deze leeftijdsgroep ook ontzettend leerzaam. Hoe kun je hun aandacht vangen? Hoe kun je ze over de streep trekken? Hoe creëer je een veilige basis in korte tijd en krijg je ze op een positieve manier aan het samenwerken? Wat voor de groep in Amsterdam vooral belangrijk was waren duidelijke afspraken van tevoren, genoeg afwisseling in dynamiek (met de hele groep oefeningen doen, in kleine groepjes, in tweetallen), opdrachten gericht op veiligheid met een goede opbouw in spanning en de focus juist op het positieve houden. Er is weinig tijd om echt de diepte in te gaan, maar het voornaamste doel is samenwerken en lol hebben met elkaar. En dat is toch wel gelukt denk ik, ondanks dat het voor mij soms voelde alsof ik er minder grip op had. En als er dan na de les toch eentje voorzichtig naar je toe komt om te vragen of ze dit nog vaker kunnen doen, dan heb ik blijkbaar toch iets goeds gedaan!

Ik heb wel het idee dat ik er langzaamaan steeds iets beter in wordt. Soms moet je ook even buiten je comfortzone stappen om iets nieuws te leren. Wie weet sta ik over een tijdje ook met dezelfde zelfverzekerdheid voor de klas als dat ik voor een volwassen groep sta. Of ik kom erachter dat dit gewoon niet mijn doelgroep is. En dat is ook oké. Maar dan heb ik het in ieder geval geprobeerd!

1 reactie op “Lesgeven aan pubers: mijn grootste uitdaging”

  1. Hoi, leuk verhaal weer.
    Ik moest ook weer aan mijn klas denken, bij ons is ook een lerares naar huis gegaan.
    Knap dat je voor zo’n klas gaat staan en ervoor gaat. Soms is de energie in een klas gewoon niet goed en kun je er niets aan doen. Je hebt zelf al gezien dat de volgende.klas wel weer beter gaat.
    Je hebt gelukkig ook goede mentoren thuis gehad en goed beslagen ten ijs gegaan. Maar je doet het toch maar mooi even.
    Succes met de volgende klas.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *